Hoe begin je?
Het werken met drie kennisbronnen geeft een compleet beeld. Maar kan ook de vraag oproepen waar je moet beginnen. Wij helpen je op weg, op deze pagina vind je:
- een overzicht wanneer je welke kennisbron gebruikt, wat het oplevert en wat de plus- en minpunten zijn;
- wat je kan doen als kennisbronnen niet hetzelfde zeggen;
- hoe je werkt aan inclusieve kennis.
Wanneer kies je welke kennisbron?
Wat als kennisbronnen niet hetzelfde zeggen?
De drie kennisbronnen vullen elkaar aan, maar geven niet altijd dezelfde boodschap. Dat is niet erg: verschillen laten juist zien hoe complex een vraagstuk is. Wetenschappelijke kennis kan bijvoorbeeld een gemiddeld effect laten zien, terwijl ervaringskennis duidelijk maakt dat dit effect niet voor iedereen zo werkt. Praktijkkennis kan vervolgens verklaren waardoor dat komt.
Wanneer kennisbronnen schuren:
- Maak verschillen duidelijk: benoem wat elke bron zegt en vanuit welk perspectief.
- Kijk naar de context: voor wie, wanneer en in welke situatie geldt iets?
- Weeg de kwaliteit: hoe stevig is de onderbouwing per bron?
- Zoek naar verklaringen: verschillen zijn vaak aanleiding voor verdieping, niet voor het kiezen van één ‘gelijk’.
Het doel is niet om de verschillen weg te werken, maar om een volledig en eerlijk beeld te geven.
Voorbeeld
In een wetenschappelijk artikel lees je dat een bepaalde interventie gemiddeld leidt tot minder uithuisplaatsingen. Tegelijkertijd vertellen ouders in ervaringsverhalen dat zij zich door deze aanpak juist onvoldoende gehoord voelen. Van praktijkprofessionals hoor je dat de interventie vooral goed werkt als er voldoende tijd is voor relatieopbouw.
Stel je wilt dit, zonder een van de drie opvattingen te negeren, in een tekst voor een kennisdossierpagina willen verwerken, zou je dat bijvoorbeeld zo kunnen doen:
“Onderzoek laat zien dat deze interventie gemiddeld bijdraagt aan het voorkomen van uithuisplaatsingen. Tegelijkertijd geven ouders en jongeren aan dat goede samenwerking en gehoord worden hierin cruciaal zijn. Professionals benadrukken dat de aanpak vooral effectief is wanneer er ruimte is voor maatwerk en relatieopbouw.”
Werken aan inclusievere kennis
Bij het NJi werken we aan kennis die de diversiteit van de samenleving weerspiegelt. We weten dat de opvoedcontext niet neutraal is en dat iedere ouder, professional en beleidsmaker vanuit eigen denkkaders handelt. Het is belangrijk om de verschillende leefwerelden en perspectieven mee te nemen waarin onze doelgroepen zich kunnen herkennen.
Onze kennis wordt opgebouwd vanuit verschillende invalshoeken, door de drie kennisbronnen én het verzamelen van verschillende perspectieven vanuit de doelgroep. Zo zorgen we dat onze kennis stevig onderbouwd is én herkenbaar blijft voor praktijk en leefwereld. In het overzicht hieronder lees je per kennisbron hoe je die kunt inzetten en toepassen in onze kennisdossiers.